Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for augustus, 2009

Mad Men, Season 2

madmen2Heel simpel: ik kan me niet voorstellen dat momenteel (in de VS is Season 3 net van start gegaan) ook maar iets op TV komt dat even indrukwekkend is als Mad Men (Lost kan de pot op, net als De K3-Show). Nog beter dan het eerste seizoen. Alles wat goed was aan seizoen 1 is er nu weer, maar nog beter uitgewerkt. Dit seizoen is duidelijk ook melancholischer en staat volledig in het teken van de verdere desintegratie. Kreeg je bij 1 nog een slopend trage inleiding tot personages, dan worden die nu verder uitgediept en krijgt de centrale figuur van Don Draper het hard te verduren, met een huwelijk dat uitmondt in een wrange machtstrijd, problemen bij de werkgever en het verleden dat hem op de hielen blijft zitten. De serie trekt naar buiten, veel minder scènes spelen zich af in de stijlvolle kantoren van Sterling-Cooper, maar de hoofdtrip gaat toch inwaarts. De onthechting van Draper is de kern (al kan het een foute interpretatie zijn omdat het allemaal zo pijnlijk herkenbaar aanvoelt).

Mooist van al is de onverwachte, volstrekt on-Amerikaanse subtiliteit waarmee het gebeurt. Als er iets is waar Amerikaanse (mainstream) cinema en ook de TV-series niet erg sterk in zijn, dan is het net dat. Alles moet klaar en duidelijk zijn, netjes op een presenteerblad aangeboden. Personages staan voor iets, hebben duidelijk herkenbare motivaties en emoties en nemen de kijker mee op een opwindende, gestroomijnde trip. Hier niets van dat, niets wordt hier expliciet uitgesproken. De scenaristen reiken je talloze hints aan – net zoals het tijdsgewricht (1962-’63)  enkel onrechtstreeks wordt geduid, via de talloze firma’s die in het kantoor passeren, de terloopse vermeldingen van muziek, rassenkwesties, feminisme, politieke omwentelingen, houdingen tegenover seksualiteit, abortus, roken en alcoholisme -, maar nergens wordt er gedaan aan zwart/wit-denken, nooit spreken de personages in goedkope slogans of doen ze aan versimpelde uitleg. Daardoor krijg je als kijker meer autonomie om de puzzelstukken zelf in mekaar te passen, maar glippen waarheden en zekerheden ook tussen je vingers als waren het zandkorrels. Realisme, maar dan verpakt als visueel verrassende kijkervaring, met substantie, mysterie, drama en wervelende dialogen. Verbluffend goed. (*****)

NP: V/A – Ze 30: Ze Records Story 1979-2009

Advertenties

Read Full Post »

books

Ik las nog wat.

  • Patrick Ness – The Knife Of Never Letting Go. Eerste deel van de omvangrijke Chaos Walking-trilogie, waarvan intussen twee delen losgelaten zijn op de mensheid, en de young adults in het bijzonder. Een bijzonder leesbaar boek, een coming of age-roman verpakt als avonturenroman met een dosis sci-fi. Een jongen groeit op in een maatschappij waarin de onverbiddelijke Noise regeert. Die Noise zijn de gedachten van de anderen, hoorbaar tot kilometers ver. Maar plots ontdekt de jongen een plaats waar het lawaai verdwijnt, en dat is het begin van een ommekeer en een verhaal dat nu en dan herinnert aan Stephen Kings Dark Tower-cyclus, maar vooral uitblinkt in sfeerschepping en vooral heel levendig, gejaagd, opwindend taalgebruik met een enorme vaart. Had ik dit maar kunnen lezen op m’n 14e of zo. Spannende, meeslepende stuff. (****)
  • Ian McEwan – Enduring Love. Intussen beland bij de ‘moderne’ McEwan. Het eerste hoofdstuk behoort ongetwijfeld tot het allerbeste wat ik van de man las. Met een onwaarschijnlijk aandacht voor detail verhaalt hij over een tragisch ballonongeval dat een onvermijdelijke, paranoïde helletocht op gang brengt. Helaas wordt dat niveau niet aangehouden. De obsessies van McEwan zijn er in al hun glorie, maar worden al te vaak onderbroken door al te ernstige zijstapjes richting klinische psychologie. Maar de conclusie is intussen bekend: liefde is een ziekte of, in het beste geval, een lompe vergissing. (***1/2)
  • Linda Newbery – The Shell House. De Engelsen hebben iets met WO1, ook in de jongerenliteratuur. Hier wordt dit nog verweven met een hedendaags verhaal over geloof, seksualiteit en het maken van allerhande keuzes. Een evenwichtig, goed geschreven boek, met een iets te hoge Davidsfonds-factor om écht te beklijven. (***)
  • Benjamin Zephaniah – Gangsta Rap. Je verwacht aanvankelijk een vrij traditionele jeugdroman over leerproblemen, opgroeien in een achtergesteld, multicultureel milieu en meer van dat, maar plots komt het verhaal terecht in een stroomversnelling en mondt het het uit in een onwaarschijnlijke, Engelse variant van het Tupac/Notorious B.I.G.-circus, met rivaliserende bendes en bij de haren gegrepen toestanden à volonté. (**1/2)
  • Gabriel Nix – Sabriel. Eerste deel van de Abhorsen-trilogie. Ik begreep er niks van en heb het opzij gegooid na 200 pagina’s. Nochtans niet van m’n gewoonte. Geen idee wat me het meest stoorde: de complete weigering om de Lord Of The Rings-invloed te maskeren of het slaapverwekkende proza. Vanaf het moment dat een spreuk werd uitgesproken, een queeste werd aangevat in barre weersomstandigheden of een kat begon te praten gingen m’n gedachten afdwalen naar boeiender dingen. Steely Dan-albums en cocktails, de kleedjes in Mad Men 1 & 2, de nieuwe Ellroy, dat soort dingen. Hardcore fantasy is niks voor mij. (**)
  • Jan Van Loy – De heining. Een pak eenvoudiger, dunner en bescheidener van opzet dan Alfa Amerika (en dat terwijl er drie jaar tussen de boeken zat) en uiteindelijk ook minder indrukwekkend. Positief: het leest echt waanzinnig vlot (het was niet eens voldoende om de reis van Geraardsbergen naar Roeselare en terug mee door te komen ->lang geleden dat ik me nog eens zo had laten vangen en zonder leesvoer moest treinen), het is (net als ’s mans vorige boeken) erg filmisch, frequent hilarisch en is gewoonweg een goed verhaal. Anderzijds had er wat meer vlees aan mogen hangen en verdiende deze moderne parabel over angst wat meer karakteruitdieping. Maar hey, dat zeiden ze ook van Aspe, en kijk, de man heeft intussen vast een boeiender leven dan ondergetekende. (***1/2)

NP: Einstürzende Neubauten – Kollaps (herontdekt. SCHLAG SNELLER, SCHREI LAUTER!!)

Read Full Post »

Herhaling/aanpassing van het bericht van 9/1/’08: Op 25 augustus begeef ik me zo rond de middag vanuit Brussel-centrum op weg naar Midden-Limburg. Eerst door de Belliardtunnel via de E40 tot Leuven, daarna via de E314 verder naar het oosten en vanaf het klaverblad in Lummen via de E313 richting Luik. Ik zal me ook deze keer niet in de zeik laten zetten door opdringerige bumperplakkers, opgefokte bouwvakkerscamionetten die volgeladen met zes man en 300kg materiaal toch 135 km/u willen nastreven, account managers met tankkaart en andere Evel Knievels die het niet kunnen laten om te spelen met hun grote lichten als ze met hun carwashfrisse leasewagens geen vrije passage krijgen tegen 140km/u. Bij uitbreiding geldt ook voor alle bestuurders van een Mercedes, BMW, Volvo, Saab of Audi (alsook de vlottere VW’s en Peugeots) een waakzaamheidsalarm. Don’t fuck with me. Ik heb er stilaan genoeg van om tijdens mijn ritten naar het hinterland voor hartritmestoornissen te moeten vrezen en ik zal er ook alles aan doen om jullie dag te verzuren. Desnoods via een spetterende finale tegen een betonnen paal. Die kunnen ertegen. 

Vriendelijke groeten,
G.

NP: Reigning Sound – Too Much Guitar

Read Full Post »

loungelizardsEen mens zou met al dat onsamenhangende geleuter over papierbundels, films, huiduitslag en the gentle art of shopping haast vergeten dat muziek hier nog steeds regeert. Vandaag centraal: het titelloze debuut van gladjanussen The Lounge Lizards, de zelfverklaarde fake jazz band rond saxofonist/acteur/schilder John Lurie (bekender van zijn samenwerkingen met Jim Jarmusch, zoals Down By Law en Stranger Than Paradise). Het is jazz, maar met een noir-achtige grootstadsvibe, een rock-attitude (het was de tijd van de no wave), stijl en, ook eens een opluchting, zonder ellenlange solo’s. En: mannen in hemdsmouwen en kravat die er zich niet belachelijk in maakten. Een ideale plaat voor zij die jazz doorgaans te veel intellectualisme en gezwam verwijten en voor wie de 80’s platen van John Zorn net een fridge too far zijn. Eigenlijk klinkt het soms als een combinatie van diens The Big Gundown/Spillane, met het sfeertje van Tom Waits’ Rain Dogs. Een handvol ijzersterke originals, een geweldig sleazy “Harlem Nocturne” (Earle Hagen) en twee uitzonderlijke Monk-covers (“Well You Needn’t”, “Epistrophy”). Luisteren naar The Lounge Lizards is als plots terechtkomen in Double Indemnity na het nuttigen van een fles bourbon en een forse dosis paranoia. Het lult en vleit zich een weg naar binnen, hotst en botst, charmeert de hele boel bij elkaar en verlaat ’t kot via de achterdeur, met vrouw, geld en platencollectie in ’t kielzog, en passant de brievenbus nog vol pissend. Très cool!

The Lounge Lizards – The Lounge Lizards (EG Records, 1981)
Volk: John Lurie (sax), Evan Lurie (keyboards), Steve Piccolo (bas), Arto Lindsay (gitaar), Anton Fier (drums). Productie: Teo Macero.

Read Full Post »

bloodsaroverEn dat gewoon ter info.

NP: Masada – Live In Sevilla 2000

Read Full Post »

jeuk

Dat wordt huiveren bij het volgende artikel over SOA’s. (belanden die foto’s trouwens automatisch bij zo’n artikel, of zit er bij de webddienst van de krant iemand de hele dag met een brede grijns te werken?)

NP: Richard & Linda Thompson – In Concert November 1975

Read Full Post »

  • Stephen Clarke – Merde Actually. Zoals verwacht komt er al snel een beetje sleet op de formule, maar gelukkig is die formule zo simpel en degelijk dat dit boek amper moet onder doen voor zijn voorganger. Opnieuw gaat een Brit in de clinch met de Fransen, hun culinaire cultuur, hun ideeën over relaties en hun eigenaardigheden en opnieuw wordt het ene misverstand op het andere gestapeld, en dat 400 pagina’s lang. Met merde als rode draad. En dan te bedenken dat er nog twee delen zijn (Merde Happens en Dial M For Merde). (***1/2)
  • Ian McEwan – The Innocent. Na The Comfort Of Strangers, The Cement Garden en The Daydreamer al het vierde uitstekende boek van McEwan dat ik de voorbije maanden in handen kreeg. The Innocent start aanvankelijk als iets dat John Le Carré en Graham Greene samen hadden kunnen schrijven als ze Steven Soderbergh’s The Good German gezien hadden: een vrij conventionele spionageroman in het naoorlogse Berlijn, waar Britten en Amerikanen het gemunt hebben op De Rus en diens geheimen. Er komt ook een love affair bij kijken, en natuurlijk loopt het daar volledig fout (bij de jonge(re) McEwan bestaat er niet zoiets als een gezonde, evenwichtige relatie tussen twee mensen), waardoor het laatste derde deel plots een donkere twist aan het verhaal geeft. Dan is het hek volledig van de dam, is niets nog wat het lijkt en komt het perverse kantje van de schrijver weer naar boven. The Innocent is een grimmige, aanvankelijk wat afstandelijke roman die op geslaagde wijze laat zien wat gebeurt als ietwat vreemde figuren tot ondenkbare dingen gedwongen worden. (****)
  • Chuck Palahniuk – Snuff. De man heeft zijn reputatie vooral te danken aan Fight Club, een straf staaltje van shock literature over mentaal verval en andere onfrisse boel. Het ziet er echter naar uit dat die roman in ’s mans oevre op eenzame hoogte staat, want na het degelijke Diary blijkt dat Snuff een beetje mager uitvalt. In dit boekje onderneemt een porno-actrice op retour een poging om het wereldrecord serieneuken scherp te stellen, door 600 sesksuele daden na elkaar uit te voeren. De kans is groot dat ze het niet overleeft, maar dat kan niet zo veel kwaad, want de opbrengsten zullen tenminste naar haar ter adoptie weggeschonken kind gaan. De roman vertelt het verhaal van drie deelnemers aan de wedstrijd en de assistente van de porno-actrice. Het had een interessante uitvalsbasis kunnen zijn voor een roman die een aantal thema’s belicht zonder de goedkope shocktoer op te gaan, maar wat Palahniuk doet blijft allemaal erg op de vlakte. De personages lullen maar wat aan, smeren zich in met bruine crème, graaien nacho’s, pochen over hun seksverleden en gooien allerhande pseudo-doordachte opmerkingen en weetjes over de porno-industrie in het rond. In sekstermen uitgedrukt is Snuff dan ook een snelle, ongeïnteresserde wip zonder climax. (**)
  • Jan Van Loy – Alfa Amerika. Bankvlees was een slimme en grappige roman die meteen bewees dat Van Loy veel in z’n mars heeft. Alfa Amerika, het eerste wapenfeit na dat debuut (intussen ook al opgevolgd door een derde boek, De heining), doet er meteen een paar schepjes bovenop. De stijl is herkenbaar, de onderwerpen ook: Van Loy heeft iets met figuren die hun draai niet vinden in het doorsnee bestaan en een alternatieve route proberen uit te stippelen. Ging dat in Bankvlees via een luiezakkenbestaan en de RVA, dan hebben de personages in de vier lange verhalen (of korte romans) die hier verzameld worden andere doelen. De portretten zijn uiteenlopend qua stijl, tijdperk en toon, maar uiteindelijk zijn ze ook vrij gelijklopend: Vlamingen en ambitie, het is geen gezonde combinatie. Er is de naar New York uitgeweken Antwerpenaar Peter O’Neill, die verantwoordelijk zou zijn voor de beurscrash van 1929 en die een mini-metropool zou gebouwd hebben op de Antwerpse linkeroever die verwoest werd tijdens WO2. Er is de rocker Eddy, die in de jaren zestig even in de Britse hitparade stond, maar daarna van de radar verdween, ondanks z’n boeiende historie. Dan zijn er ook nog de inspecteur die probeert te infiltreren in een misdaadorganisatie die zo weggelopen lijkt uit Goodfellas, en het gortige slotverhaal dat de oppervlakkigheid van het tv-aanbod en de obsessie met seks centraal stelt. De verhalen die Van Loy vertelt zijn origineel, kleurrijk, en vaak ongemeen grappig. Is het verhaal over de tycoon nog zo sterk onderbouwd met allerhande (fictionele) documenten dat je haast gaat geloven dat de man echt bestaan heeft, dan is het maffiaverhaal met z’n talloze knipogen een geinige guilty pleasure en het rockersverhaal haast een combinatie van een aflevering van Afrit 9 en de memoires van Fred Bekky. De heining staat nog op het te lezen-lijstje, maar Van Loy is nu al, samen met o.a. Stefan Brijs, een van de betere Vlaamse verhalenvertellers die de laatste jaren van zich hebben laten horen. Een aanrader! (****)

NP: Ken Vandermark – Resonance

Read Full Post »

Older Posts »

%d bloggers liken dit: